Dinsdag 8 april 2008
Ach, wat is het klagen mij goed afgegaan vandaag. Collega's van mijn werk belden me op: ik zeurde. Sophie van de uitgeverij telefoneerde: ik zanikte dat het een lieve lust was. Kaat van het weekblad Libelle contacteerde deze oude zeurpiet, maar ze had al over mijn toestand gelezen op mijn blog, dus ik hield mijn mond. Wat kan ik me toch slecht voelen bij lichamelijk ongemak! Intussen ben ik gisteren bij mijn huisdokter geweest. Zij raadde me aan enkele dagen thuis te blijven, tot het virus uit mijn lichaam verdwenen was. Wat zou een normaal mens bijgevolg doen? Inderdaad, een bruistablet nemen en in bed liggen uitzieken. Maar niet ik, o nee! Vroeg in de ochtend spoedde ik me reeds naar een vergadering in Brussel, alsof het overleg ging over de redding van de mensheid en ik een onmisbare schakel was bij die onderhandeling. Met een overdreven brutaliteit overtreed ik regels die ik met een gespeelde boosheid aan mijn collega's opleg: "Als je ziek bent, blijf je thuis. Punt uit. Zieke mensen kunnen geen werk aan en goed werk kan geen zieke mensen verdragen." Een waarheid die staat als een huis, terwijl mijn gezondheid (tijdelijk) in puin ligt. Goed bezig!
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten