Muziek voor het volk

Vrijdag 1 mei 2009

De Dag van de Arbeid begint goed: het is twee uur 's nachts en ik ben nog niet zo lang thuis van een avondje uit met mijn dochter (en haar vriendin). Ik weet het, onverantwoord laat, maar pedagogisch te verdedigen, uitzonderlijk en uitermate bevorderlijk voor onze al optimale verstandhouding. Naar de opening van de nagelnieuwe Antwerpse concertzaal Zappa geweest, met optredens van The Galacticos (die ik tot grote hilariteit van de twee bakvissen Los Galacticos noemde, omdat ik ze verwarde met Los Campesiños, waar ze qua stijl nauw bij aanleunen; mijn dochter verrast door achter haar rug hun cd te kopen aan een tafeltje in de inkomhal en daarna de zanger van de groep tegengekomen in de toiletten, waar hij naast mij stond te plassen), Jasper Erkens (de Milow van de bakvissen) en Freaky Age (tijdens hun optreden liet ik ritmisch mijn rechtervoet meebewegen, wat betekende dat ik aan het dansen was, dus het concert is meer dan goedgekeurd; Max' avond kon trouwens niet meer stuk toen ze het plectrum van gitarist Mathias wist te bemachtigen).
En vandaag ga ik De Internationale zingen. Uit volle borst. Tot ik geen stem meer heb.

Meer Flair dan Kinsey

Donderdag 30 april 2009

We mogen niet te vlug conclusies trekken, maar toch... Het Oppervlijtig Liesje van de Flair brengt zelf aan dat ze negen van de tien eigenlijk een Hot Marijke is, die onomwonden zegt dat ze meer sex wil en dat die bovendien van betere kwaliteit moet zijn. Dat bewijst de laatste grote Flair-enquête immers zwart op wit: 60 % van de lezeressen wil meer en 75 % wil beter. Ok, nu we toch met de harde cijfers bezig zijn: een kwart van de bevraagden vindt alles rond sex overroepen, maar eveneens een kwart (waarschijnlijk een ander kwart, of misschien niet, daar geven de onderzoeksters geen uitsluitsel over) wil het wel eens met twee partners tegelijk doen. Klap op de vuurpijl: anale copulatie is voor 50 % van die jonge vrouwen geen theoretisch gegeven. Daar kijkt Mie Van der Auwera echter niet meer van op . Het grote percentage dat onveilige sex heeft, dat is iets wat haar terecht en écht verontrust. Lezeressen worden bedrogen (de helft), maar rijden op hun beurt met de regelmaat van de klok ook een scheve schaats (één op drie). Nu weten we tenminste hoe het ongeveer zit met het percentage kinderen, wiens natuurlijke verwekker niet hun wettelijke vader is. Sinds het beruchte Kinsey-rapport uit de jaren vijftig niet meer zo sprakeloos geweest.
Wat hebben vrouwen (en mannen) aan die diarree van prutsenquêtes die, wars van enige wetenschappelijke ambitie of onderbouwde stelling, de vrouw/man in de straat met een amalgaam aan schokkende, maar op drijfzand gestoelde conclusies confronteert? U verwacht natuurlijk een antwoord dat in de lijn ligt van het absolute niets, maar dat is dan weer té absoluut. Neen, er is wel degelijk iets goeds over te zeggen. Het leest namelijk lekker vlot weg. En dat is toch al heel wat, niet, in deze onzekere tijden?
Of dat alles bijdraagt tot de verdere ontvoogding van de vrouwen? Van enkelen wel, ja, die bij de Flair werken en er goed geld mee verdienen. Diezelfde geëmancipeerde journalistes zouden ook het verhaal kunnen brengen van de strijd tussen twee sterke en ontvoogde vrouwen, Annemie Turtelboom en Marie Arena, die al sinds het aantreden van de federale regering in een moddercatch verwikkeld zijn, met als inzet het lot van duizenden niet-ontvoogde en onderdrukte asielzoekers. Maar dat leest iets minder vlot weg natuurlijk. Mensen, zelfs vrouwen, willen bedrogen worden. Ook door hun eigen soort.

Vlijtige Liesjes

Woensdag 29 april 2009

Wat ben ik gisteren weer druk in de weer geweest! Mensen ontmoeten, afspraken maken... Het lijkt wel alsof iedereen in mijn omgeving, ikzelf incluis, met heel belangrijke dingen bezig is. De avond heb ik afgesloten met een deelname aan het auteurscafé in boekhandel De Zondvloed in Mechelen. Ditmaal ging het over auteurslezingen, een thema waar ik wel wat meer info over wou. De directeurs van het Vlaams Fonds der Letteren en van Stichting Lezen waren aanwezig, dus het onderwerp was belangwekkend genoeg. Waarom deden de eveneens aanwezige medewerksters van deze organisaties mij ongewild denken aan het door Brouwers zo plastisch beschreven Vlijtig Liesje uit zijn polemisch geschrift Sisyphus' bakens? Omdat zij het waarschijnlijk hadden over het verantwoorden van publieke middelen, over regelgeving met betrekking tot ondersteuning en over het tijdig invullen van aanvragen en documenten. Ik werd pas echt nieuwsgierig toen zij neuzelden over de voorwaarden die door de betreffende auteur moesten worden voldaan om toegelaten te worden tot de lijst van gesubsidieerde gelukkigen. Een aspect trof me uitermate: het werk van de schrijver diende te beantwoorden aan welgestelde inhoudelijke kwalitatieve criteria, beoordeeld door een team van acht specialisten (mét ervaring, comfirmeerde het Liesje, dat gezien haar leeftijd nauwelijks enige jaren beroepservaring kon hebben opgedaan en de literaire periode voor Dimitri Verhulst kende vanuit haar vuistdikke cursussen). Inhoudelijke kwalitatieve criteria dus. Mijn voordrachten bevonden zich tot nu toe in een anarchistisch niemandsland, waar de hoogte van de vergoeding afhing van wat de organisator er aan kon en wilde geven. Deze structuur wou ik opgeven, niet voor de aanlokkelijke overheidssteun, maar vooral omdat ik wilde weten of mijn pennenvruchten voldeden aan die welgestelde inhoudelijke kwalitatieve criteria. Een (1) aanwezige jeugdschrijver had bot gevangen, zo kwamen we bijna toevallig te weten, en ook het raspaard Didi de Paris, toch al vele jaren routineus meedraaiend in het voordrachtencircuit, maakte onder zware druk van de auteurslobby het voorwerp uit van een gentlemen's agreement. Dat dwingt een mens die schrijft toch tot een dergelijke aanvraag, niet? Gewoon om te weten hoe hoog hij al staat op de literaire ladder... Wordt vervolgd!
Nee, mijn beste Mie Van der Auwera - voor de enkelen die het niet weten het Oppervlijtig Liesje van een vrouwen- of een unisexmagazine, ik wil het kwijt zijn sinds ik in contact kwam met http://www.1ouder.be/ -, ik heb je allernieuwste en baanbrekende enquête in de Flair van deze week zeker niet over het hoofd gezien! Van zodra ik terug op adem ben gekomen, zal ik niet nalaten enige constructieve commentaar te geven over opzet en uitwerking!

Hoe zou het zijn met... (the sequel)

Maandag 27 april 2009

... dat virus, dat niemand kent en dat iedereen wereldwijd zo'n angst inboezemt? Deze ochtend zat ik al zeer vroeg in de auto richting Antwerpen en ben ik gestopt voor een oude bekende, die in dezelfde richting wandelde als die waarin ik reed. Hij aanvaardde dankbaar de lift en vroeg me of ik hem wou afzetten bij de dokter enkele kilometers verder. Hij voelde zich slecht en geraakte niet van die slechte hoest af. Ik toonde mijn medeleven door hem beterschap te wensen, maar informeerde in één adem ook naar een mogelijk recent verblijf in Mexico. Niet ter preventie van eventuele ongemakken die mij zouden overkomen; ik dacht daarbij in de eerste plaats aan de gevolgen voor mijn kinderen. Achteraf moest ik zelf lachen om mijn hypocriete kloekredenering, met Alexander in de Provence en een vooral buitenshuis freewheelende Max.

Hoe zou het zijn met...

Zondag 26 april 2009

... de slaapkamers van Alexander en Maxime, die ik al een hele tijd niet meer bezocht heb? Zij ook niet trouwens, met hun leven on the road. Straks toch eens gaan kijken, om mezelf gerust te stellen: als de rommel er nog is, zullen zij wel niet ver uit de buurt zijn. Maar eerst naar de bakker de zondagse broodjes gaan halen, voor Max thuiskomt van haar logeeravontuur. Ze heeft gisteravond laat gebeld, zoals afgesproken. Ik verstond haar nauwelijks, zo schor was ze, maar in haar schorheid klonk ze heel uitgelaten. Een geslaagd festivalletje dus. Benieuwd of ze vandaag zin heeft om met mij wat rondjes te gaan lopen in het park. En dan heb ik het nog niet over haar huiswerk.

Afwezige kinderen

Zaterdag 25 april 2009

Noch lasten (nuja) noch lusten van mijn kinderen dit weekend. Alexander is sinds deze nacht en de hele volgende week op schooluitstap naar de Provence, netjes voorafbetaald in drie schijven via overschrijving. Alhoewel hij me beloofd had nog even binnen te springen ten afscheid, heb ik hem niet meer gezien. Ach, de intentie zal er wel geweest zijn... Max zit momenteel in bad. Ze is zich proper aan het weken voor ze vertrekt. Vertrekt? Ze is nauwelijks binnen! Tsja.. Vanaf deze middag schoolfestival mét optredens, daarna blijven slapen bij vriendin X, die om de hoek woont (reminder: wat zakgeld voor eten en drinken, logeeradres en telefoonummer en naam superviserende ouder) en morgen jeugdbeweging. Ik schuif met haar resterende tijd om het huiswerk in te passen; in het kader van haar ambities met betrekking tot het kunstonderwijs en de huidige stand van zaken wordt alles in dat verband belangrijk.
Veel zal ik niet moeten koken, dat wordt me duidelijk. Een gedeelte van de verse groenten zal hoogstwaarschijnlijk over de pas aangelegde grasmatten naar het compostvat gedragen worden. Tenzij er op het juiste moment een toevallige tafelschuimer (m/v) met grote honger langskomt...

Party Crasher

Vrijdag 24 april 2009

Ik heb de finesse en de specifieke ervaring van Oscar Van Den Boogaard niet, die als gedoodverfd deelnemer aan zowat elk societygebeuren vrijwel onmiddellijk de essentie ervan weet te vatten en op papier te zetten. Die helikoptervisie mis ik duidelijk, terwijl de onnozele details, de punten en de komma's van een event zoals het Boekenbal als confetti op mijn schouders neerdwarrelen en hinderlijk blijven kleven op het textiel van mijn zwarte jas, die deel uitmaakte van de feestkledij gisteren. Bij aankomst liep Jos Geysels, ooit (of nog steeds?) voorzitter van het organiserende Boek.be zenuwachtig te ijsberen voor de ingang. Waarschijnlijk was hij aan het wachten op zeer belangrijke uitgevers of auteurs, wie zal het zeggen? Na de obligate foto op de auteurssofa en de aankoop van drankbonnetjes, kwam ik terecht in een stemmige en goedgevulde zaal. Wat is me bijna onmiddellijk opgevallen? Een deel van de ruimte werd ingenomen door smaakvol geklede uitgevers, importeurs, verdelers, wiens kennis van het boek zich, Brouwers indachtig, beperkte tot het kasboek van hun firma. Ze amuseerden zich duidelijk en lieten zich de rijkelijk belegde en korstloze rechthoekjes melkbrood met gerookte zalm smaken. In het centrum van de zaal stond prijsbeest Marc 'Het Grote Uitstel' Reugebrink rond zijn eigen as te draaien, druk als hij het had met alle satellietmannetjes en -vrouwtjes te woord te staan. Zelfs op momenten dat hij niemand te woord stond, draaide hij verder, amechtig zoekend naar nieuwe aanspraak. Op een bepaald ogenblik meende ik een lichtend aureool boven zijn hoofd te ontwaren, maar dat kan pure inbeelding geweest zijn. Schrijvers liepen er ook rond, gelukkig, af en toe kon ik een hand drukken of een normaal gesprek voeren tussen het geweld van een experimenteel orkest door, dat op het podium danig zijn best deed om elke vorm van netwerking de pas af te snijden. Verfrissend alledaags was mijn gesprek met dichteres Sylvie Marie, sinds kort terug van gesmaakte optredens in Nederland naar aanleiding van haar geslaagde debuut 'Zonder'. Een aanrader voor liefhebbers van onbevangen en toegankelijke gedichten (zie ook http://www.komdichter.wordpress.com/) Kwam net van een sollicitatie bij Kluwer, want poëzie vult de harten , niet de magen.
Later op de avond werd er warempel (veel) gedanst, op alle mogelijke manieren. Marc Reynebeau, die zich voor de gelegenheid uitgedost had in een stijlvol zwart kostuum en wit hemd, liet zich tegen het einde aan meetronen naar de dansvloer door zijn langharige vriendin, sjiek gekleed in bloedrood - of paars, ik wil het kwijt zijn - fluweel. Zijn aritmisch, maar moedig geschuifel in de nabijheid van die kasteelvrouw deed me onwillekeurig denken aan Bram Stoker: zo moet Vlad De Spietser er uit gezien hebben enkele eeuwen geleden, een welgeklede heer, maar vreesaanjagend door zijn aanblik en bewegingen.
Al bij al goed gegeten en gedronken, ook toffe mensen ontmoet en leren kennen. Wel Jos Geysels van de hele avond niet meer gezien; zou er ergens een VIP-ruimte geweest zijn?

Hoogmis van boeken?

Donderdag 23 april 2009

"Boekenbal zegt u? Daar schuift meer ander volk rond met daarjuist genoemde titel ongelezen op het nachtkastje dan schrijvers en dichters, die er veelal trouwens niet eens voor worden uitgenodigd. Op wat als een 'literatuurfeest' is begonnen, ziet men thans in overwoekerende mate beroemd- en beruchtheden van de televisie of uit 'de bladen', verschijnsels uit de politiek ('in literair opzicht was het een mager jaar'), pluimvee van Oranje, en al dit literatuurvreemde volk samen ... genereert de grootste aandacht en publiciteit in plaats van boek, in plaats van schrijver, over literatuur gààt het niet eens meer. Welke reden is er überhaupt nog voor zulk bal als er niets feestelijks meer te vieren valt sedert de boekensector apegapend op zijn rug ligt?" (Citaat uit Sisyphus' bakens van Jeroen Brouwers, 2009, p. 118)
Naar deze kitscherige boekenhoogmis, deze place m'as tu vu der letteren ga ik dus vanavond, eerder gedreven door een hopeloze nieuwsgierigheid naar adembenemende décolletés, de kwaliteit van het eten en drinken en de door Brouwers' voorspelde afwezigheid van boek en auteur, met één gedachte: als het een sof wordt, kan ik er nog altijd over schrijven. Er zijn natuurlijk grenzen: op het moment dat ik ook dààr onze zoetebroodjeskok Piet Huysentruyt ontwaar zonder witte schort en voor de bedieningstafels in plaats van erachter, zal ik dit lettertjesfeest niet langer als mijn biotoop beschouwen.
Van mijn uitgever heb ik spontaan twee (2) toegangskaarten toegestuurd gekregen. Tijd om een oude vriend te bellen die zich niet laat overdonderen door het glamourgehalte van het evenement, die integendeel zonder er mee te koop te lopen vroeger af en toe de sponde deelde met een deerne uit het glitterwereldje, iemand die dus weet wat echt is en wat schijn.
Zal ik tegen Christophe Vekeman zeggen dat zijn relatief nieuwe boek Lege Jurken reeds in stapeltjes bij De Slegte te vinden is? Of dat ik Koetsier Herfst van Charlotte Mutsaers op diezelfde plek heb weten te redden van de roemloosheid? Om van de hoopjes Tom Lanoye en zelfs Jeroen Brouwers nog maar te zwijgen... Dit zegt echter meer over de onbeschoftheid van bepaalde uitgeverijen en verdeelcentra tegenover hun bron van inkomsten dan over de kwaliteit van het werk.
Feestkledij staat er vermeld op de uitnodiging. Er worden dus alleen maar succesvolle schrijvers verwacht, of pennenlikkers die bijklussen, want wie anders kan zich dergelijke frivoliteiten veroorloven? Tijd voor een grondige inspectie van mijn garderobe!

Start to run

Woensdag 22 april 2009

Max, aan de telefoon: "Paps, ik wil dat je vanavond klaar staat om met mij een stukje te gaan lopen. Het zal je goed doen. En trek iets aan waarmee je je niet al te belachelijk maakt voor de andere mensen."
Ik begrijp dat ik geen keuze heb. Op school hebben alle leerlingen een strikt programma gekregen om hun conditie op te bouwen of op peil te houden. Voor de grote zomervakantie moeten ze zoveel mogelijk rondjes lopen op het oefenplein: hoe meer rondjes, hoe meer punten. Ik zoek een sportbroekje en een los t-shirt. Naar ik me herinner staat beneden in de kelder een bijna nieuw paar loopschoenen stof te vergaren. Zo gekleed haal ik haar met de wagen op bij haar mama thuis. We gaan oefenen in het gemeentelijk park. Ze monstert me met een blik van afgrijzen van kop tot teen en schudt haar hoofd: ik heb echt geen stijl. Als ik haar goedkeuring wil wegdragen, zal ik me een eigentijdse en gepaste outfit moeten aanschaffen.
Ze blijkt een strenge leermeester te zijn. Eerst wordt er ter voorbereiding gestretcht en gewandeld om de spieren los te gooien. Mijn vroegere ervaring als jongvolwassene, toen ik zowat dagelijks vijf kilometer liep, veegt ze kordaat van tafel. Dat was van voor haar geboorte, dus prehistorie. Mijn conditie zal in zo'n lange tijd wel danig verzwakt zijn. Ik geef toe dat ze daar wel eens gelijk in kan hebben.
Eindelijk lopen we. Zij, kaarsrecht, op kop. Ik volg en puf en rochel al na enkele minuten, maar vind mijn tweede adem. Vanaf dan gaat het beter, buiten verwachting zelfs. Ik voel dat ik wat overgewicht meesleep en ben blij dat ik op het voorstel/de eis van mijn dochter ingegaan ben. Plots stopt ze abrupt.
"Wat is er, meisje? Het ging net goed..."
Ze houdt een arm in haar zij en plooit voorover.
"Jij weet niet hoe hard we in de school getraind hebben vandaag! Ik ga me niet forceren!"
"Ok, ok..."
"Alles doet pijn... Ik heb steken in mijn zij..."
"Doe maar rustig aan, liefje... We hebben de tijd..."
"Nee, paps, loop jij maar vooruit. Ik haal je wel in."
"Gaat het?"
"Jaja..." Ze maakt een afwerend gebaar. "Doe jij voort."
Ik loop verder. Al snel kom ik opnieuw in mijn tempo. Zonder op of om te kijken ren ik zonder tussenstop helemaal verder het park rond tot aan de parkeerplaats van de auto. Buiten adem leun ik tegen een muurtje, wandel daarna wat rond. Na een kwartier is Max nog steeds in geen velden of wegen te bekennen. Ik word ongerust. Nog eens tien minuten later raakt mijn geduld op. Ik spring de auto in en begin de straten rond het park af te rijden. Al snel kom ik ze tegen. Ze wandelt voort, op haar dooie gemak. Ik claxonneer. Ze komt afgeslenterd en neemt naast mij plaats.
"Waar zat je, Max? Ik werd doodongerust!"
"Paps, niet overdrijven. Ik heb gewoon wat gewandeld om mijn spieren niet te veel te belasten."
Zwijgend rijden we voort.
"Je hebt toch gestretcht nà het lopen?" vraagt ze.
"Jaja," bevestig ik.
Toch fijn dat ze ondanks haar eigen ongemak aandacht heeft voor mijn welzijn.

Kukeleku

Dinsdag 21 april 2009

De telefoon gaat. Het is Alexanders mama. Ze weet zich geen raad met het prijsbeest dat onze zoon met zijn elftal gewonnen heeft. Voorlopig zit het in haar stapelruimte voor het brandhout, maar dat kan niet lang meer duren. Alexander heeft haar verteld dat ik het dier in mijn tuin wil zetten en ze vraagt wanneer ik het kom halen, liefst zo vlug mogelijk. Daar kan geen sprake van zijn in deze periode, met mijn nieuwe grasmatten. Dat zeg ik haar en ze begrijpt mijn standpunt volkomen.
Of ik al weet dat het geen kip is, maar een haan, informeert ze verder. Of Alexander dat nog niet gecommuniceerd heeft. Neen, natuurlijk weet ik dat niet. Een kip komt er niet in en een haan zeker niet. Die legt zelfs geen eieren. Daar kan ik echt niks mee aanvangen. Even vormt er zich een stilte aan beide kanten van de lijn. De voetbalploeg moet hier een oplossing voor zoeken, vindt ze, dat is hun gemeenschappelijke verantwoordelijkheid. En die van de club, vul ik aan, en van de bond en van de FIFA. Nee, ik overdrijf niet. Ons opzadelen met pluimvee: van die boer geen eieren! Haantjesgedrag in onze tuinen moeten wij niet hebben. We spreken af alvast in onze respectievelijke kennissenkringen op zoek te gaan naar personen die een erf of, bij uitbreiding, een naar onze mening geschikte tuin bezitten. Ze raadt me wel af W. te bellen, omdat die slechts één radicale oplossing kent. Daarvoor is de emotionele band tussen de kinderen en het jonge haantje te groot geworden. Pleeggezinnen mogen zich altijd kenbaar maken.

Toktok

Maandag 20 april 2009

Been there, done that: de afgelopen week is hectisch geweest, zo zonder kinderen. Het wordt tijd dat ze opnieuw bij mij komen wonen. Hun rommel weegt niet op tegen het vaste stramien van elke dag waar een mens heel af en toe naar verlangt - velen hebben die vaste structuur altijd nodig, om te beheersen wat uiteindelijk onbeheersbaar blijkt te zijn.
Alexander heeft bij zijn terugkomst een verrassing beloofd. Dat zei hij tenminste gisteren aan de telefoon. Omdat een jarenlange ervaring mij geleerd heeft toch enige voorzichtigheid aan de dag te leggen als verrassingen uit die hoek komen, deed ik enige moeite om los te peuteren aan wat ik mij zoal kon verwachten.
"Onze ploeg heeft gewonnen met het voetbaltoernooi, paps! Ieder van ons kreeg een medaille en voor het team was er nog één prijs in natura..."
Een (1) prijs dus. Voor elf spelers.
"Iedereen heeft gezegd dat ik hem mocht houden, ik heb tenslotte de beslissende goal gemaakt..."
Dit zaakje stonk. Mijn vragen werden directer, tot ik eindelijk een duidelijk antwoord kreeg.
"Een kip, paps, een bruine..."
"Gebraden?" probeerde ik nog, in een wanhopige poging.
"Nee, paps, natuurlijk niet!... Je hebt toch een tuin en een kip eet werkelijk àlle afval en we zullen dagelijks een gratis ei hebben..."
Gratis, ja. Of hij al gedacht had aan de pas gelegde grasmatten, die op een brutale manier stukgepikt en uiteen gewoeld zouden worden door de bek en de klauwen van deze allesvreter?
"We bouwen een hok," beloofde hij. "En we maken een ren, met kippengaas, op het lapje grond naast het tuinhuisje, ver weg van het verse, dure gras."
WE.
Benieuwd welk aandeel hij in deze actie zal hebben en wanneer hij zijn bijdrage zal leveren. De agenda van een bijna-achttienjarige zit immers eivol (bij mijn weten met andere activiteiten).

De wereld draait desondanks door

Woensdag 15 april 2009

Weet je waardoor ik tot tranen toe kan worden bewogen? Echt tot tranen? Bij het zien van die bijna perfect gelegde grasmatten in mijn tuin, voorzichtig aangetrapt tegen een geëgaliseerde laag potgrond. Heb er even languit op gelegen en het voelde onaards lekker aan. Ach, misschien ben ik wat tranerig omdat ik gisteravond vernam dat Dirk Verbruggen op tweede paasdag onverwacht vlug gestorven is, de eerste echte boekenschrijver die ik persoonlijk kende via uitgeverij Nioba, intussen ook al lichtjaren ter ziele gegaan. Soms zijn er grasmatten nodig, als blijkt dat wat een mens gewoon is hem simpelweg door de vingers glipt.

De wereld draait door

Dinsdag 14 april 2009

Afgelopen maand heb ik zeven (7!) geboortekaartjes gekregen en ben ik uitgenodigd op vier huwelijksfeesten. Dit weekend alleen al werd ik verwacht en gespot op drie verjaardagspartijen, gelukkig evenwichtig gespreid. Daar kan Facebook niet tegenop. Nochtans blijf ik met enige verbazing, maar op afstand deze virtuele tongdraaierij volgen.

De lekkere prioriteiten eerst

Maandag 13 april 2009

Wat doet een mens als ik op een rustige dag als deze wanneer hij beseft dat hij tegen volgende week een studiedag moet voorbereiden die de verdere toekomst van zijn organisatie kan bepalen en wanneer hij bovendien op het einde van de maand een afgesproken stapeltje kopij voor een volgend boek moet klaar hebben?...
Juist.
Hij laat de boel de boel en bereidt zich op een ontspannen manier voor op die naderende deadlines. Nadat hij een cd van The Cribs in de lader geschoven heeft, met hun aanstekelijk, lentefris gerommel op gitaar en drums, neemt hij de zak met grote vleestomaten uit de koelkast, voor een crisisbestendige prijs gekocht van een biologische marktkramer. Hij ontdoet ze met een scherp mesje van hun schil. Dat kost inderdaad tijd, dat weet hij, maar die tijd, die heeft hij, of beter, hij neemt hem. Daarna snijdt hij ze in blokjes, net als de buffelmozzarella. Hij voegt alles samen in de antieke lampetkom van zijn grootmoeder, perst er enkele teentjes verse look bij, kruidt alles uitgebreid met witte en zwarte peper. Tenslotte mengt hij de ingrediënten met een brede vork door elkaar. Eenvoudig en zeer lekker.
Vervolgens kookt hij enkele eieren en verse pasta, terwijl hij tezelfdertijd een verse zalmmoot stoomt. Samen met wat rucola en tuinkers en een lichte frambozenvinaigrette bereidt hij op die manier een heel smakelijke zalmsalade.
Met een vol bord zet hij zich op de bankirai van zijn terras, de blote voeten in het gras, en eet. Langzaam en met kleine happen.
Het lijkt alsof hij tevreden is.

Saudade

Zondag 12 april 2009

Morgen rijd ik met bedwelmende bloemen naar je toe
Ik wil niet langer wachten, eindelijk weten hoe
Je bent: de bloemen zullen je verraden
Als je liefdeloos bent, zullen ze kwijnen en treuren;
Als je kwijnt van verlangen, heviger geuren;
Als je brandt van verlangen hun knoppen scheuren
En jij in een groot gebaar al je gewaden

J. Slauerhoff

Paaspoets

Zaterdag 11 april 2009

De gemiddelde huisvrouw heeft er elk jaar opnieuw last van, van het gevoel dat er met het bloemen van de bomen en de eerste echte zonnewarmte moet geruimd, gepoetst en gereinigd worden: de lenteschoonmaak dus. Vermits ik mij als alleenstaande vader gaandeweg een aantal wat men traditioneel vrouwelijke eigenschappen noemt heb eigen gemaakt, is deze gewaarwording mij ook niet vreemd. Deze keer richt mijn aandacht zich op mijn tuin, waar ik vorig jaar eigenhandig wat mistroostig in elkaar gezakte koterij met hamer en beitel afgebroken heb. Een mooi bijkomend stuk gazon zou daar niet misstaan. Gauw de aarde omspitten - twee uurtjes werk -, egaliseren, verrijken met wat compost, grasmatten uitrollen en genieten van het resultaat na gedane inspanning. Ik heb echter geen rekening gehouden met onvoorziene omstandigheden. Er blijkt niet alleen danig veel steenpuin op steekdiepte te zitten, maar bovendien ook een enorm hoekfundament, dat eerst uitgegraven dient te worden en daarna ter plaatse en handmatig in stukken moet worden gekapt omdat het in zijn geheel niet te tillen is. Dit wordt een volledige en zware dagtaak. Karrenvrachten compost zullen worden aangevoerd om putten te vullen en ontstane oneffenheden te laten verdwijnen. Ik raad elke huisvrouw aan zich te concentreren op kuis- en boentoestanden. Deze tuin zou haar krachten te boven gaan. Nochtans maakt hij ook onmiskenbaar deel uit van het huishouden.

Voorlopig bewijs

Donderdag 9 april 2009

Veel heb ik er hem niet aan weten voorbereiden, maar zijn schranderheid en inschattingsvermogen zullen hem weer danig geholpen hebben: Alexander is geslaagd voor zijn theoretisch rijexamen. Mij ter ore gekomen via een enthousiaste sms, tegelijk met de vraag om twee pasfoto's van hem te zoeken en negen euro klaar te leggen, want die zaken had hij nodig om het officiële vodje papier op het gemeentehuis te gaan afhalen. 's Avonds krijg ik even de gelegenheid om de kandidaat-chauffeur persoonlijk te feliciteren als hij me thuis komt medelen dat hij opnieuw weg moet voor een volgende afspraak - de gewone drukte voor een zeventienjarige tijdens vakantiedagen dus. En of ik deze en volgende week tijd wil vrijmaken om hem zijn eerste praktische rijlessen te geven (Eerste? Ik herinner me een uit de hand gelopen avontuur van enkele jaren geleden, licht aangepast beschreven in mijn roman Alleenvader).
"Paps, we kunnen niet té lang wachten, het is slechts een voorlopig rijbewijs, dat tijdelijk geldig is..."
Ik trek hem het document uit handen en bekijk het: inderdaad een voorlopig rijbewijs dat vervalt na... 36 maanden. Voor een jongvolwassene als mijn zoon duurt drie jaar, in een wiskundig teken uitgedrukt, een stuk langer dan een liggende acht. De ene oneindigheid is echter de andere niet. En dat allemaal om binnen afzienbare tijd in een file te gaan staan, als een ultiem statement van relatieve en pas verworven vrijheid. Daar zwijg ik over, want het zou de pret bederven. En sommige dingen, zo herinner ik mij van vroeger, moet men zelf kunnen ondervinden. Erover zeuren is zowel voor hem als voor mij zinloze tijdverspilling.

Het koninklijk orakel

Woensdag 8 april 2009
Op mijn schouw staat een vrij grote, plaasteren buste van wijlen koning Boudewijn. Niet dat ik een overtuigd royalist ben: ik heb het beeld destijds geruild voor een aarden plantenbak, die ik enkel gebruikte om mijn peuken in te gooien. Mijn toenmalige vriendin zei dat ze er meer mee kon aanvangen. Sindsdien is het beeld met mij meegereisd en heeft het al meer dan twintig jaar veel lief en leed met me gedeeld. Vroeger werd het al eens opgesmukt met een zonnebril of werd er af en toe een jas rond gedrapeerd. Sinds mijn kinderen groter en inventiever geworden zijn, is Boudewijn bijna permanent versierd: met kleurrijke (stoffen) bloemenslingers, een sfeervolle lichtketting, kerstballen, een oorring en een medaille van een voetbalcompetitie uit 2007. Recent zijn we op het idee gekomen hem voor het raam te zetten en naast zijn hoofd een tekstballon te kleven met een wekelijkse wisselende uitspraak, van welke de geestigheid ons leven en dat van alle gasten en voorbijgangers moet veraangenamen. Suggesties zijn altijd welkom, tenminste, als ze voldoen aan onze protocollaire vereisten.

Sporen nalaten en terugvinden

Dinsdag 7 april 2009

Zo, De Heining van het kandidaatgoudenuilprijsbeest Jan Van Loy is uit. Deze nacht in bed, lekker rustig, zo alleen (haha, alleen al de meligheid als ik dat woord alleen lees en het medeleven dat het kan opwekken! O zaligheid, de gelukzakken die momenteel een koppel vormen en zich met een zekere gezapigheid tegen elkaar aan kunnen schurken en hét eventueel doen, nadat ze elkaar hitsig gemaakt hebben met de meest erotische passages uit de laatste bedlectuur of een toevallig op het nachtkastje aangetroffen Flair! Maar in alle rust een boek lezen wordt stilaan mijn prerogatief.). Het waren korte hoofdstukjes en dat leest vlug weg. Vannacht ga ik naar bed met Wij, van Elvis Peeters of van Jeroen Olyslaegers, daar ben ik nog niet uit. Dat is toch wel duivels toeval te noemen, dat twee competente Vlaamse schrijvers, beiden opgenomen in de reclamegalerij van de Literaire Lente, ongeveer op hetzelfde ogenblik het licht zagen en hun roman Wij noemden. Zou er een vergadering aan voorafgegaan zijn?
Intussen bouwen Alexander en Max de wereld verder uit, als een titelloos boek dat steeds meer hoofdstukken telt. Mijn dochter is deze namiddag (gecontroleerd) graffiti gaan spuiten: ze begint haar sporen na te laten. Mijn zoon heeft het steeds moeilijker zijn sporen terug te vinden. Zoals zo dikwijls zal hij ook nu veel te laat thuiskomen voor het gezamenlijke avondmaal. Maar er blijven zekerheden: zijn prak staat hem in de magnetron op te wachten.

Slechts één windrichting kwijt

Maandag 6 april 2009

Terwijl Alexander nog lag uit te rusten van de inspanning de dag voordien (deelname aan de Ronde van Vlaanderen voor wielerliefhebbers) en de dag zelf (kijken naar de Ronde van Vlaanderen op tv in volstrekte rusthouding vanuit onze monstersofa), begaven mijn dochter en ikzelf ons gisteren naar een uitverkochte theatervoorstelling van De Kopergieterij in Gent, getiteld: Pubers bestaan niet. Omdat ik slechts één kaartje had kunnen bemachtigen, bleef ik tijdens het stuk zitten wachten in de lobby en las in de meegebrachte roman (De Heining van Gouden Uil-genomineerde Jan Van Loy). Tijdens de bewuste voorstelling nog nooit zoveel gejoel, getier, gelach en gescandeer gehoord sinds (naar ik vermoed) de opvoering van de Stomme Van Portici in 1830. Driekwart van de toeschouwers bestond uit pubers; de makers hadden de bedoeling hen uit hun tent te lokken. Nu, het was hen gelukt: het stuk was de jongeren duidelijk op het lijf geschreven. Max kon na afloop haar laaiend enthousiasme niet onder stoelen of banken steken. Haar interesse voor toneel (spelen en kijken) heeft een nieuwe puls gekregen, wat me pleziert. Wel weinig hoofdstukjes gelezen in mijn boek wegens de overdaad aan omgevingsgeluiden.
U vraagt zich natuurlijk af hoe het gaat met mijn twee duimen, die vorige week stijf stonden van het duimen voor een goed (uitstekend) paasrapport van Max.
Laat me kort zijn: met mijn duimen gaat het goed. Ze hangen beide opnieuw los en ontspannen aan mijn handjes te wapperen. De risicovakken wiskunde en Frans, in het eerste trimester nog struikelstenen eerste klasse, zijn door mijn dochter getemd en lopen nu als makke hondjes aan haar leiband, terwijl ze kwispelend punten vergaren.
Tot mijn stomme verbazing is ze deze keer licht uitgegleden over socio-economische initiatie en aardrijkskunde. Om het in de terminologie van het laatste vak uit te drukken: ze is er even het noorden bij kwijtgeraakt. Maar niet haar humeur: we hebben samen een keiplezant weekend gehad.

Grote en kleinere voorbeelden

Zondag 5 april 2009

Vergeeft u me, koninklijke leenheren/leendames en aanhorigheden/vazallen, maar het is al enkele lichtjaren geleden dat ik nog zo spontaan en smakelijk gelachen heb met een polemisch geschrift als Sisyphus' bakens van Jeroen Brouwers. Hilarisch de beschrijving van de strekkende meters literatuur die verschillende ongeletterde leden van het koningshuis gratis en zonder blikken of blozen in ontvangst nemen, en die niet alleen. Eigenlijk valt er met het behandelde onderwerp helemaal niet te lachen, integendeel zelfs. De schrijver wordt hier terecht voorgesteld als een compleet ondervoede Biafraan die met een zeker gevoel voor cynisme op zijn bolle buik wijst en zegt dat hij wegens indigestie een volgende maaltijd wel aan zich zal laten voorbijgaan. Laffe dweil die ik zelf ben om tot nu toe te kiezen voor een veilige combinatie van een (eveneens onzekere) carrière (haha!) in de sociaal-economische sector en de dwingende roeping van het auteursschap. Met een onbedwingbaar gevoel voor autodestructie heb ik vandaag echter een mail gestuurd teneinde de nodige documenten in handen te krijgen voor een stimuleringsbeurs van het Fonds voor de Letteren, die me dit of volgend jaar in staat moet stellen een zekere periode - men moet niet te onvervaard beginnen - voltijds bezig te zijn met de creatie van literaire teksten. Om zelfs maar een halve plank van een toch smalle Billy-boekenkast uit de Ikea bij elkaar geschreven te krijgen, moet ik mij minder onledig houden met zinvolle, doch in dit verband compleet irrelevante activiteiten.
Dimitri Verhulst heeft me vandaag al een oplossing aangereikt voor de latente armoede die een gemiddeld Vlaams (en Nederlands) schrijver sowieso te beurt valt als hij/zij wil volharden in zijn roeping: schnabbelen (of het anders gewoon opgeven, ondanks het onmiskenbare talent, zoals de prima auteur Alex Boogers deed, die ons met zijn laatste roman Het sterkste meisje van de wereld nog een mooie nalatenschap bezorgde: massaal kopen en lezen dus!) Maar ik had het over schnabbelen: collega Verhulst zit urenlang op de publieke televisiezender commentaar te geven tijdens de Ronde van Vlaanderen, met de nodige expertise, dat wel, dat mag betaald worden. Een zelfonderzoek over mijn expertises dringt zich op. Zou ik daar niet teveel tijd mee verliezen, zodat mijn schrijversschap weer in het gedrang komt? (Eenzelfde vrees bekruipt me wanneer ik denk aan al het papierwerk tot het bekomen van een stimuleringsbeurs van het Vlaams Fonds voor de Letteren.) Aan het geven van commentaar bij wielerkoersen moet ik in elk geval niet denken, wil ik niet denken. Toen de sportjournalist aan verschillende renners en ploegleiders vroeg of ze al iets van Dimitri Verhulst gelezen hadden, was hun antwoord unisono: Ik ken hem van ziens, van op TV, maar niet van een boek of neeje, boeken, dat lees ik niet. Raar dat men de moeite doet om voor schrijvers alsnog prijzen uit te reiken. Iedereen de fiets op en koersen maar! Het enige wat men dan kan lezen, zijn de woorden op de koerstenues. En vermits daar toch alleen reclame op staat, moet men die moeite niet doen.

In volle vertrouwen

Donderdag 2 april 2009

Wat een schitterend weertje! Een stralende voorjaarszon, warmte, zomerse geluiden...
Een ideale voorbode van Max' schoolrapport morgen.
Mijn duimen staan stijf van het duimen.

Aprilvogel

Woensdag 1 april 2009

Wat een leven... Al heel vroeg deze morgen moest ik op dringende en dwingende aanwijzingen van mijn dochter een jonge duif proberen te vangen, die het vliegen nog niet volledig machtig was en vlak voor de tuindeur op het terras rondtrippelde en voor zich uit roekoerde. Mission accomplished na een vol kwartier struinen door en fladderen over het hele tuinoppervlak, tot mens en dier volledig buiten adem waren en ik me net zo gemakkelijk zou hebben laten beetpakken. Max klemde het diertje voorzichtig en uiterst tevreden tegen haar borst, terwijl ze het verenpakketje voortdurend streelde. Pas op dat moment dwong haar brein haar in een volgende fase van het denkproces.
"Wat gaan we met het beestje doen, papa?"
WE dus.
Na de fysische inspanning kreeg ik ook een groot deel van het hersenwerk in mijn bak geschoven. Ik hield mijn mond over de krachtige en energierijke bouillon die uit het vlees van een jonge duif kan worden getrokken, erop speculerend dat dit voorstel niet in goede aarde zou vallen. Er bleven niet veel mogelijkheden over. Plan B, dat kort samengevat bestond uit het terugzetten van de duif in de tuin, werd door mijn dochter als levensgevaarlijk beschouwd omwille van de buurtkatten. Dus werd er eerst eindeloos gepalaverd en getelefoneerd om een duivenmelker te pakken te krijgen die zich wou ontfermen over de jeugdige gevleugelde. Vruchteloos en bovendien contraproductief, omdat Max tijdens één van de telefoontjes vernam dat de gemiddelde duivenliefhebber haar beschermeling negen van de tien dadelijk de nek zou omdraaien.
Bleef plan B over. Max zette het diertje hoog boven op de tuinmuur, alsof op ons perceel alleen kreupele katten hun jachtterrein hadden. Maar het was een strohalm waaraan ze zich kon vastklampen, een valse veiligheid voor het duifje. Vijf minuten later was het diertje verdwenen. Ook de aandacht van Max slonk zienderogen.
Nauwelijks was de dag begonnen of ik had al een volledig avontuur achter de rug.
PS: Enkele van mijn trouwe bloglezers die niet alleen van letters maar ook van cijfers houden, signaleren me dat de bezoekersteller van mijn profiel al enkele dagen onveranderd op 1200 blijft staan. Ik kan u geruststellen: dit statisch fenomeen is te wijten aan een digitale systeemfout. De kwaliteit van mijn teksten zal er niet onder lijden, tenzij voor diegenen die gewoontegetrouw iets als kwaliteit benoemen indien dat wordt gedeeld door een verifieerbaar aantal gelijkgestemden. In hun geval is een hamburger ook een delicatesse.