In bepaalde verre streken bij vreemde volkeren hebben sommige vrouwen de gewoonte zich kaal te scheren als ze de wanhoop nabij zijn of overmand door groot verdriet.
'Ik ga dood,' zegt Max met enige dramatiek in haar stem. Ze zit als een zakje ellende in elkaar gedoken op een stoel.
'Overdrijf je niet een beetje?' vraag ik rustig.
Ze is dertien. Dan lijkt alles erger dan het is.
'Nee,' zegt ze bijna pathetisch, 'S. ziet me niet eens staan...' En dan, theatraal: 'Mijn leven is voorbij!'
'Zo vlug gaat dat niet,' antwoord ik sussend. 'Verliefd zijn is geen terminale ziekte. En het gevoel heeft toch ook een prettige kant, niet? Praat erover. Anders blijven die emoties tegen de binnenkant van jouw schedel knallen. Daar krijg je alleen maar hoofdpijn van.'
'Erover praten? Met wie?' schampert ze.
'Met...' begin ik.
'...jou zeker?' haalt ze uit. 'Weet jij wel wat dat is, verliefd zijn?! Ik wed dat jij dat nog nooit hebt meegemaakt! Anders zou jij zo niet reageren!!'
Ze veert recht en holt de kamer uit, de trappen op naar haar kamer. Er valt heel wat te verwerken.
Ik hoop dat ze zich niet kaal scheert.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten