Waar zijn die mensen toch mee bezig?

Woensdag 14 januari 2009

Waarom moet ik telkens reageren op die prietpraat-enquêtes in kranten en tijdschriften over het huishoudelijk aandeel van iedereen en lijk ik daardoor extreem vrouwonvriendelijk (omdat ik het opneem voor de mannen), terwijl dat helemaal niet zo is? Omdat, zo luidt de voornaamste reden, al die recente bevragingen dezelfde ongenuanceerdheid aan de dag leggen wat de man betreft als voordien de botte argumentatie van de traditionele en lichtjes reactionaire mannen op de vrouwen in het algemeen.
De feiten op een rijtje: ziekenfonds Euromut en het weekblad Knack hebben een enquête gehouden bij 13000 (aanstaande of praktiserende) ouders over het gezin en de kinderwens. Onvermijdelijk werd er ook gepeild naar de taakverdeling binnen het gezin. En wat blijkt: bijna de helft van de vrouwen wil het grootste deel van het huishouden op zich nemen, gecombineerd met een minder veeleisende job dan de partner. Deze taakverdeling geniet slechts de voorkeur van één op drie bevraagde mannen. Zij pleiten eerder voor een gelijke verdeling van huishoudelijk werk en de stress van een job buitenshuis.
Wat is de reactie van genderspecialiste Marysa De Moor (UGent) - en ik citeer haar zoals ze in De Standaard van vandaag staat op pagina 11: "Vrouwen hebben een realistisch antwoord gegeven, mannen kiezen de optie die bij de goegemeente het best overkomt." Volgens de krant heeft ze daarmee de resultaten genuanceerd. Dat kan je wel zeggen, ja, en dat zonder enige wetenschappelijke schroom!
Met andere woorden: volgens mevrouw De Moor spreken de bevraagde vrouwen de waarheid, maar liegen de bevraagde mannen vanuit een duidelijk opportunisme. Gelardeerd met de grote titel (DS, p. 10 en 11), gespreid over twee pagina's "Huishouden voor mama, bevallingsverlof voor papa", is deze studie met dergelijke commentaar inderdaad de beste manier om beide geslachten nader tot elkaar te brengen op huishoudelijk gebied. En voor deze uitspraak verkeerd geïnterpreteerd wordt: hij is ironisch bedoeld.

Geen opmerkingen: